Staatssecretaris Heijnen heeft een brief naar de Tweede Kamer gestuurd over de gevolgen van het arrest van de Hoge Raad van 16 januari 2026 over de onverbindendheid van het verhoogde percentage belastingrente vennootschapbelasting (Vpb).
In zijn brief geeft de Staatssecretaris aan dat de Hoge Raad het verhoogde percentage voor de Vpb onverbindend heeft verklaard. Voor alle gevallen waarin belastingrente moet worden berekend geldt nu het reguliere percentage. Voor de Vpb is het massaal bezwaar geregeld in het besluit van 7 februari 2025, nr. 2025-3886, Staatscourant 2025, 5793. Voor de inkomstenbelasting (IB) is het massaal bezwaar opgenomen in het besluit van 16 april 2025, nr. 2025-96279, Staatscourant 2025, 15207.
Massaal bezwaar belastingrente Vennootschapsbelasting
Met het arrest acht het kabinet de in de aanwijzing massaal bezwaar belastingrente Vpb vermelde rechtsvragen nu beantwoord. De onderliggende procedure gold als proefprocedure voor de aanwijzing massaal bezwaar. De Hoge Raad heeft bevestigd dat het verhoogde belastingrentepercentage in strijd is met het evenredigheids- en het gelijkheidsbeginsel. De overige rechtsvragen uit de aanwijzing – die zien op toetsing aan andere algemene rechtsbeginselen of aan hoger (verdrags)recht zijn door de Hoge Raad ontkennend beantwoord. Zij geven op basis van het arrest geen aanleiding tot nadere overwegingen of tegemoetkomingen.
Massaal bezwaar belastingrente inkomstenbelasting
Hoewel voor de Aanwijzing massaal bezwaar belastingrente IB geen proefprocedure was geselecteerd, acht de Staatssecretaris met het arrest ook de rechtsvragen uit deze aanwijzing beantwoord. De Hoge Raad heeft geoordeeld dat geen sprake is van strijdigheid met algemene rechtsbeginselen of geschreven hoger recht voor het reguliere belastingrentepercentage. De bepaling van het reguliere belastingrentepercentage is niet onverbindend. De met ingang van 1 januari 2024 ingevoerde wijziging van de berekeningssystematiek aan de hand waarvan het toepasselijke belastingrentepercentage wordt bepaald maakt dit niet anders.
De Staatssecretaris neemt hiermee duidelijk een eigen standpunt in zonder het oordeel van de Hoge Raad af te wachten. Er lopen nog steeds procedures. Zo loopt er al een procedure bij de Hoge Raad over de rechtmatigheid van de belastingrente in de inkomstenbelasting. De Procureur-Generaal heeft in zijn conclusie (ECLI:NL:PHR:2025:1393) aangegeven dat volgens hem een belastingrente van tenminste 4% op stelselniveau niet in strijd is met artikel 1 Eerste Protocol EVRM. De Hoge Raad moet in deze zaak nog arrest wijzen. Verder loopt er nog een hoger beroep tegen een uitspraak van de Rechtbank Gelderland.
Collectieve uitspraken op bezwaar en uitvoeringsgevolgen
Artikel 25e Algemene Wet inzake Rijksbelastingen schrijft voor dat zodra de rechtsvragen uit de aanwijzing massaal bezwaar definitief zijn beantwoord, binnen zes weken een collectieve uitspraak moet worden gedaan. De inspecteur beslist met de collectieve uitspraak op bezwaren waarvoor de aanwijzing massaal bezwaar geldt. De inspecteur zal in navolging hiervan twee aparte collectieve uitspraken doen. De eerste collectieve uitspraak zal worden gedaan op het massaal bezwaar belastingrente vennootschapsbelasting. De bezwaren waarvoor de betreffende aanwijzing massaal bezwaar geldt, zullen met de collectieve uitspraak gegrond worden verklaard.
De tweede collectieve uitspraak zal worden gedaan op het massaal bezwaar belastingrente inkomstenbelasting. De bezwaren waarvoor deze aanwijzing massaal bezwaar geldt, zullen ongegrond worden verklaard. Tegen de collectieve uitspraak kan geen beroep worden ingesteld.
Uiterlijk op 26 februari 2026 worden beide collectieve uitspraken gepubliceerd in de Staatscourant en op de website van de Belastingdienst. Binnen zes maanden na deze bekendmaking zullen de bestreden rentebeschikkingen waarin het verhoogde percentage is toegepast en waarvoor de Aanwijzing massaal bezwaar belastingrente vennootschapsbelasting geldt, worden verminderd. De herberekening van de rente vindt plaats naar het toepasselijke reguliere percentage. Openstaande verzoeken om de belastingrente die is beschikt bij een voorlopige aanslag te herzien zullen worden toegewezen, mits zij verder voldoen aan de wettelijke voorwaarden. Op dit moment zijn ongeveer 30.000 zodanige bezwaren en verzoeken ontvangen door de Belastingdienst.
De rentepercentages zijn inmiddels in de IT-systemen van de Belastingdienst aangepast. Nieuwe beschikkingen belastingrente worden berekend met inachtneming van het juiste – reguliere – percentage.
Concreet
Concreet betekent dit dat er in sommige gevallen nog steeds bezwaar moeten worden gemaakt of een verzoek om herziening van de belastingrente in een voorlopige aanslag Vpb moet worden gedaan. Voor een overzicht daarvan verwijzen we je naar het overzicht op de Website van de Belastingdienst. De informatie staat daar opgenomen onder het kopje “Kan ik nog bezwaar maken tegen een aanslag vennootschapsbelasting met belastingrente?” Daar waar aanslag vennootschapsbelasting staat vermeld, mag je ook lezen navorderingsaanslag vennootschapsbelasting.
De mogelijkheid bestaat dat er is verzocht om herziening van een voorlopige aanslag Vpb voordat er een combinatiebrief kon worden ingediend. Indien daarop een afwijzende beschikking is gegeven, eindigt de bezwaartermijn op de dag van de dagtekening van de definitieve aanslag Vpb. Heeft de afwijzende beschikking op het verzoek om herziening van een voorlopige aanslag een dagtekening die ligt binnen zes weken voor de dagtekening van de definitieve aanslag, dan is de bezwaartermijn zes weken na de dagtekening van de afwijzende beschikking. Dus heeft de afwijzende beschikking op het verzoek om herziening van de belastingrente in de voorlopige aanslag Vpb een dagtekening 12 januari 2026 en is de definitieve aanslag Vpb opgelegd op 14 januari 2026, dan eindigt de bezwaartermijn voor de afwijzende beschikking op 23 februari 2026.
Met de uitspraken op massaal bezwaar eindigt ook de massaal bezwaarprocedure voor de belastingrente. Dit betekent dat de inspecteur daarna ingediende bezwaarschriften ook individueel afdoet en dat daarna weer individueel beroep moet worden ingesteld. Overleg dus met je klant of deze de route van individueel bezwaar en individueel beroep nog wel wil doorlopen en leg dit schriftelijk vast. We tekenen hierbij aan dat we de kans dat de Hoge Raad het belastingrentepercentage in de inkomstenbelasting en de andere belastingen die zijn genoemd in het besluit massaal bezwaar van 16 april 2025, uiteindelijk onverbindend verklaart, niet hoog inschatten. Dit gezien de overwegingen ten overvloede van de Hoge Raad in het bovengenoemde arrest van 16 januari 2026 en de bovengenoemde conclusie van de Procureur Generaal.
Webinar
Het is de bedoeling om uiterlijk begin volgende week een webinar over dit onderwerp openbaar te maken. Dit webinar is gratis voor RB-leden; houd de website in de gaten!